Biografie

Geboren in Haarlem, veel duinen, veel zee, veel winkels. Schoksgewijs, vanaf mijn zevende, zijn de honden en de paarden mijn leven binnen gekomen, verdwenen en weer binnen gekomen. Hun waarde kan ik tot op de dag van vandaag onmogelijk overschatten. Honden maken me alerter, speelser, scherper en luier, paarden staan iets van hun kracht aan me af, in ruil daarvoor eisen ze moed en een paar zachte ogen. Familie zijn ze en samen met mijn eigen kleine familie wonen we in de rietlanden, water, weiland, ruimte genoeg.

Liefde voor de Duitse literatuur, met name voor Goethe, bracht me naar de faculteit voor Duitse Taal en Letterkunde, een stoffig gebeuren, daarna de toneelschool in Amsterdam. Het schrijven en zingen is hier begonnen. Herman van Veen merkte mijn liedjes op en liet mij heel genereus mijn eerste plaatje maken. De behoefte om steeds minder instrumenten te gebruiken resulteerde in de samenwerking met alleen maar één slagwerker, Paul Koek. De teksten van de liedjes werden steeds uitgebreider, filmischer. Mijn eerste scenario stuurde ik op naar Kees Kasander. De volgende dag belde hij op en zei met een bondigheid die exemplarisch voor hem bleek te zijn: ’Gaan we doen, Achten!’

Het is een zegen wanneer mensen in je geloven. Kees Kasander heeft dat krachtig gedaan, al mijn films zijn door hem geproduceerd. In diezelfde tijd kwam ik in contact met Annemieke Gerritsma, directeur van het stimuleringsfonds. Van haar ontving ik een schrijversstipendium van vijf jaar. Emile Fallaux, toentertijd directeur van het Internationaal Filmfestival Rotterdam, heeft mijn films op zijn festival in premiere laten gaan. Ik ben hen alledrie zeer dankbaar voor het vertrouwen en de vrijheid die zij mij gaven. Ik gun iedereen zulke schitterende ambassadeurs.

Een paar korte films en drie speelfilms heb ik geschreven en geregisseerd. De films gingen op reis en waren te zien op festivals over hele wereld. Er kwam een nominatie voor Tiger Award en de film Marie Antoinette is niet dood kreeg de publieksprijs op het Filmfestival Riga.

De laatste jaren woon en werk ik in Friesland en in Griekenland. Ik hou mij voornamelijk bezig met schrijven. Er zijn opera’s en epische teksten voor langere muziekstukken van mij in productie genomen. Het werken aan een roman ervaar ik in vergelijking tot het filmen als een ongekende luxe. Ik ben niet gehouden aan draaidagen, het weer, ziektes. Wanneer een passage mij tegenstaat, sleutel ik eraan totdat ik hij me aanstaat. De ervaring van het schrijven heeft wat mij betreft nauwelijks iemand beter verwoord dan de Chileense dichteres Gabrielle Mistral: Schrijven maakt mij opgewekt, het verzacht altijd mijn gemoed, en schenkt mij een onschuldige, tedere, kinderlijke dag. Het geeft mij het gevoel alsof ik een paar uur in mijn echte moederland heb doorgebracht, mijn eigen gewoontes volgend, naar eigen goeddunken en in totale vrijheid.

In september 2019 verscheen mijn eerste roman Augustus bij uitgeverij Van Oorschot.